BSD

De Twaalf profeten

Dit boek bevat de woorden van de profeten en hun profetieën die een periode van meer dan driehonderd en vijftig jaar overlappen (vanaf 700 B.C.E.), vanaf het midden van het tijdperk van de Eerste Tempel tot de eerste jaren van de Tweede Tempel. Aangezien de profetieën van deze uiteenlopende mannen relatief kort waren, sommige slechts één hoofdstuk - werden zij verzameld in één boek, zodat ze niet verloren zouden gaan (Bava Basra 14b). Zoals Rashi uitlegt, aangezien het tijdperk van de profetie op zijn eind liep en dat zij de laatste profeten zouden zijn, legden Haggai, Zacharia, en Maleachi hun eigen profetieën vast en voegden de andere kleine boeken daarbij.

We moeten ons niet laten misleiden door de kortheid van deze boeken, want, net als alle profetieën in de Schrift, hebben ze een boodschap voor elke generatie. Niet-joodse Bijbels verwijzen naar De Twaalf Profeten als "kleine profeten", dit is niet alleen vernederend, maar ook een grove verkeerde benaming. In feite was Hosea, een tijdgenoot van Jesaja, en was volgens de geleerden, de grootste profeet van zijn tijd.

Het boek is een panorama van de Joodse geschiedenis. Het begint op het moment dat er twee Joodse koninkrijken zijn, en de Tien Stammen uit het Noorden leken veruit de sterkere te zijn. Het eindigt met het Noordelijke Koninkrijk in de vergetelheid, en de stammen van het Zuiden, voornamelijk Juda en Benjamin, op weg terug naar hun land, om de Tweede Tempel te bouwen. De tussenliggende jaren waren een tijd van strijd en teleurstelling, profeet na profeet smeekten en waarschuwden, berispten en voorspelden een naderend onheil - het was allemaal tevergeefs.

Het boek van Hosea is misschien wel het sterkst van de twaalf. In het vermanen van zijn volk, noemde hij hen God's "vervreemde vrouw." Door zijn hardheid, haalde hij zich Gods toorn op de hals. Om de eeuwige waarheid aan te tonen dat Israël ondanks zijn grote tekortkomingen zijn uitverkoren volk blijft, beval God Hosea om één ​​van de moeilijkste beproevingen uit de Schrift te ondergaan, een persoonlijke marteling, dat Gods eigen smart en loyaliteit weerspiegeld.

De Twaalf Profeten eindigen het tijdperk van de profetie met de vermaning: Denk aan de Tora van Mozes, Mijn knecht, die Ik hem geboden heb op de Horeb voor heel Israel, aan de verordeningen en de bepalingen. Zie, Ik zend tot u de profeet Elia vóór de komst van de grote en vreselijke dag van God. En God zal het hart van de vaders tot de kinderen terugbrengen, en het hart van de kinderen tot hun vaders... Maleachi 4:6.

Bovenstaande vertaalde inleiding op het boeken van de twaalf profeten is afkomstig uit de Tanach Stone Edition van ArtScroll. De twaalf profeten zijn Hosea, Joel, Amos, Obadja, Jona, Micha, Nahum, Habakuk, Zefanja, Haggaï, Zacharia en Maleachi.

Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.

Aantekeningen

Home Malben

Begrippenlijst

printer

Emuna is het standvastig geloof in een enige, soevereine, alwetende, welwillende, geestelijke, bovennatuurlijke en almachtige Schepper van het universum, die wij God noemen. Emuna bestaat uit drie niveaus: Niveau één is het geloof in de Goddelijke Voorzienigheid; Niveau twee is het geloof dat Hashem alles doet wat het beste voor ons is; Niveau drie is het geloof dat Hashem alles doet met een specifiek doel. Deze thesen zijn nader uitgewerkt in het boek "The Garden of Emuna".

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.