BSD

De profeet Ezechiël

Ezechiel

De profetenlezing op de eerste dag van het Wekenfeest (Shavuot) is genomen uit het eerste hoofdstuk van Ezechiël. Zoals gebruikelijk op Sabbat en andere feesten bij een profetenlezing, is er een verbinding en een overeenkomst tussen het te lezen Tora gedeelte en de profetenlezing.

Het lezen uit de Tora op de eerste dag van het Wekenfeest gaat over de openbaring op de berg Sinaï en het geven van de Tora. God daalde neer op de berg, vergezeld van zijn hemelse Strijdwagen en Hemelse Rechtbank. Het was een ontzagwekkend moment toen Israël de Tora ontving en werd ingewijd als een "koninkrijk van priesters en een heilig volk," een licht voor de volkeren van de wereld.

In de profetenlezing vertelt de profeet Ezechiël ons hoe hij werd ingewijd als profeet. In een profetisch visioen zag hij een goddelijke openbaring:

"En het geschiedde in het dertigste jaar, in de vierde maand, op de vijfde dag van de maand, toen ik te midden van de ballingen aan de rivier de Kebar was, dat de hemelen werden geopend, en ik visioenen van God kreeg te zien." Ezechiël 1:1.

Ezechiël beschrijft de Hemelse Strijdwagen en de visioenen die hij zag toen de hemel zich voor hem opende. Het gebeurde toen dat God hem tot een ​​profeet maakte en hem beval om de boodschap van God uit te dragen aan de mensen. Of de mensen naar hem luisterden of niet, zelfs als ze obstakels op zijn weg brachten, de profeet voerde zijn missie uit zonder angst.

Toen de geest van de profetie over Ezechiël kwam, stond hij bij de rivier Kebar, een zijrivier van de Eufraat in Babylon. Het was in het vijfde jaar van de Babylonische ballingschap.


Ezechiël werd geboren in Jeruzalem uit een geslacht van priesters. De naam van zijn vader was Buzi. Toen Nebukadnezar, de koning van Babel, koning Jojachin in ballingschap wegvoerde naar Babel, was Ezechiël één van hen.

In Jeruzalem zette Nebuchadnezzar Zedekia op de troon, en liet hem trouw zweren aan Babel.

De eerste ballingen in Babel vestigden een ​​nieuw leven in gevangenschap. Ezechiël hield de geest van het jodendom levend onder hen. Maar de praktijken van afgoderij die Juda's ondergang hadden bewerkstelligd, waren diep geworteld onder de ballingen. De wijd verspreide afgoderij van hun veroveraars overspoelde hen. Sommige van de ballingen dachten dat God hen aan de Babyloniërs had verkocht en dat het geen zin meer had om zich te houden aan de Tora.

Ezechiël had een moeilijke taak in het overtuigen van zijn collega-ballingen, dat de gevangenschap maar een tijdelijke straf voor hun ontrouw aan God was. Hij waarschuwde hen dat als ze hun geloof opgaven, ze nationale zelfmoord zouden plegen. Hij berispte hen streng en voortdurend herinnerde hij hen eraan dat hun collega-Joden in Juda hun lot, om dezelfde reden die de ramp over hen had gebracht, zouden delen. Velen dreven de spot met hem.

Toen kreeg Ezechiël op een dag de trieste profetie die hij zo vreesde. Het was op de tiende dag van de maand Tevet, in het negende jaar van de Babylonische ballingschap. Vele mijlen verderop, in het land van Juda, begon Nebuzaradan, de generaal van de Babylonische legers, zijn belegering van de Heilige Stad. Op dat moment werd Ezechiël op de hoogte gebracht van de ramp in een profetisch visioen, en werd hem bevolen om de datum en de gebeurtenissen op te schrijven, en het droevige nieuws aan zijn mede-ballingen mee te delen. Het droevige nieuws werd bevestigd, en de Joden in Babylon realiseerden zich dat de priester Ezechiël een echte profeet van God was.

Het trieste nieuws van de verwoesting van Jeruzalem en de Tempel bereikte de ballingen in Babel, en het duurde niet lang of duizenden Joden voegden zich bij hun broeders in de Babylonische ballingschap.

Toen alles verloren leek, maakte Ezechiël de dag goed. Hij was niet langer de strenge prediker, maar een troostende vader vol moed en hoop. Hij richtte zijn harde woorden tegen de wrede buren van Juda, die zich verheugden en verkneukelden over de ondergang van Juda. Hij voorspelde hun ondergang maar verzekerde zijn broeders, dat het Joodse volk al hun vijanden zou overleven.

De belangrijkste voorspelling van Ezechiël was toen ongetwijfeld zijn profetie over het Dal met de beenderen. De profeet bevond zich in een vallei die bezaaid was met dorre beenderen. Hij profeteerde dat de dorre beenderen zouden worden opgewekt. Spoedig ontvouwde zich een geweldig schouwspel voor zijn ogen. Een storm brak los en was er de oorzaak van dat de botten zich voegden tot ledematen en de ledematen tot skeletten.

Direct daarop werden de skeletten bekleed met vlees en huid. De dode lichamen werden, door de geest van God, nieuw leven ingeblazen, en een machtig leger stond, voor de ogen van de profeet, op zijn voeten. Op deze manier vertelde de profeet zijn collega ballingen dat het Joodse volk nieuw leven zou worden ingeblazen.

Ezechiël profeteerde dat de breuk tussen het Koninkrijk van Juda en dat van Efraïm (de Tien Stammen) zou worden genezen. Er zal een verenigd volk zijn, hersteld in zijn land. De Heilige Tempel zou worden herbouwd, en Israël zou de eenheid met God genieten als nooit tevoren.

De profeet beschreef in detail het nieuwe Jeruzalem, de nieuwe Tempel en het nieuwe priesterschap dat uiteindelijk zou floreren onder het bewind van het Huis van David.

Maar wat moesten de Joden in de tussentijd doen?

Ezechiël was een groot leraar. Hij leerde dat de opleving van het hele volk alleen kon komen door de godsdienstige opleving van elk individu. Iedere individuele Jood was verantwoordelijk voor zijn leven en gedrag en had tegelijkertijd een verantwoordelijkheid ten opzichte van de hele natie. Het geheim van de verlossing lag in de absolute trouw aan God en Zijn Tora. God is altijd gereed om de zondaar, die tot Hem terugkeert in oprecht berouw, te vergeven. "Ik heb geen lust in de dood van de goddeloze, zegt Hashem, maar dat hij terugkeert van zijn boze weg en leven," leerde Ezechiël keer op keer.

Onder invloed van Ezechiël, bouwden de ballingen in Babylon synagogen en huizen van Tora-studie, en werd de geest van het Jodendom behouden. Toen Ezechiël stierf, rouwden alle Joden, maar zijn profetieën bleven, om hen voor altijd te inspireren.

Na de dood van Nebukadnezar, besteeg zijn zoon Evill Merodach de troon van het machtige Babylonische rijk. Hij haalde koning Jojachin uit de gevangenis en behandelde hem vriendelijk.

Jojachin herinnerde zich de profeet Ezechiël, die tussen de rivieren Kebar en Eufraat, was begraven. Vergezeld van duizenden Joden, ging Jojachin naar zijn graf. Daar bouwde hij een graftombe, en daarnaast een synagoge.

Van heinde en ver maakten Joden een jaarlijkse bedevaart naar het graf van Ezechiël om bij zijn graf te bidden. De synagoge was altijd vol aanbidders en Tora studenten. De synagoge stond bekend als de synagoge van Ezechiël en Jojachin. Elk jaar op de Grote Verzoendag werd een speciale Tora rol, eigenhandig geschreven door de profeet, uit de Ark van die synagoge genomen en gelezen, en een eeuwig licht bleef er voor vele, vele jaren branden.

Bron: The Prophet Ezekiel

Aantekeningen

Home Malben

Begrippenlijst

printer

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.