BSD

Psalm 119

     psalms
  • Hashem betekent letterlijk "mijn heer" en is een naam van God.
  • Elohim spreek uit Elokim is een gebruikelijke naam voor God in the Hebreeuwse Bijbel.
  • Hashem betekent letterlijk: "De Naam" en is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.
Vers 109: in mijn hand: dit betekent mijn leven is altijd in gevaar.

Deze psalm is opgedeeld in 22 blokjes van steeds 8 verzen. 22 is gebaseerd op het aantal letters in het Hebreeuwse alfabet.

Er komen steeds de volgende woorden terug - achter het Nederlands woord het fonetisch Hebreeuwse woord:

getuigenissen = eedot
geboden = mitswot
voorschriften = paqad
wetten = choeqim
recht = misjpat
weg = arah

De misjpatim, zijn geboden die duidelijk zijn en verstandelijk te verklaren zijn. De logica van deze verordeningen eisen van ons om deze verordeningen te onderhouden en uit te voeren.
Misjpatim zijn de wetten die de mens ook zelf zou hebben vastgelegd zonder dat deze door Hashem bevolen zouden zijn. Enkele voorbeelden hiervan zijn het verbod op stelen en het verbod op moord. Een ieder van ons begrijpt dat voor een goed functionerende maatschappij stelen en doodslaan verboden hoort te zijn.

Er zijn ook geboden, choeqim, die niet duidelijk zijn en geen logische verklaring hebben voor de uitvoering van deze geboden. De choeqim zijn de wetten die ons verstand te boven gaan en wij onderhouden deze wetten gewoon omdat Hashem deze bevolen heeft. Voorbeelden hiervan zijn de spijswetten: het verbod op het eten van melk en vlees tezamen. Vlees- en melkgerechten zijn gescheiden in de kosjere joodse keuken. Ook de reinheidswetten vallen onder deze geboden alsmede de wet van de rode heifer (koe).

Een derde soort van geboden is 'eedot'. De eedot zijn wetten die rationeel verklaard kunnen worden, maar die niet noodzakelijkerwijs uit rationeel oogpunt tot stand zouden zijn gekomen. Met ons menselijk verstand zouden wij deze wetten nooit zelf bedacht hebben. Hashem heeft de 'eedot' gegeven en wij kunnen deze wetten met ons verstand begrijpen. Voorbeelden hiervan zijn het aanleggen van de gebedsriemen, het rusten op sjabbat en het eten van de matsa op Pesach.
1
2
3
4
5
6
7
8

9
10
11
12
13
14
15
16

17
18
19
20
21
22
23
24

25
26
27
28
29
30
31
32

33
34
35
36
37
38
39
40

41
42
43
44
45
46
47
48

49
50
51
52
53
54
55
56

57
58
59
60
61
62
63
64

65
66
67
68
69
70
71
72

73
74
75
76
77
78

79
80

81
82
83
84
85
86
87
88

89
90
91
92
93
94
95
96

97
98
99
100
101
102
103
104

105
106
107
108
109
110
111
112

113
114
115
116
117
118
119
120

121
122
123
124
125
126
127
128

129
130
131
132
133
134
135
136

137
138
139
140
141
142
143
144

145
146
147
148
149
150
151
152

153
154
155
156
157
158
159
160

161
162
163
164
165
166
167
168

169
170
171
172
173
174
175
176
Gelukkig zij, die onberispelijk van wandel zijn, die wandelen in de Tora van Hashem.
Gelukkig zij, die zijn getuigenissen onderhouden, die Hem met heel hun hart zoeken;
die geen onrecht doen, (maar) wandelen in zijn wegen.
U hebt uw voorschriften geboden, om die ijverig te onderhouden.
Och, dat mijn wegen vast waren om uw wetten te onderhouden.
Dan zal ik niet beschaamd zijn, wanneer ik zie naar al uw geboden.
Ik zal U loven met een oprecht hart, wanneer ik het recht van uw gerechtigheid leer.
Uw wetten zal ik bewaren verlaat mij niet geheel en al.

Waarmee zal de jongeling zijn pad rein bewaren? Door uw woorden te bewaren.
Met heel mijn hart zoek ik U, laat mij niet van uw geboden afdwalen.
In mijn hart berg ik uw woord, opdat ik niet tegen U zal zondigen.
Gezegend bent U, Hashem; leer mij uw wetten.
Met mijn lippen vertelde ik al het recht van uw mond.
Ik verheug mij in de weg van uw getuigenissen als over allerlei rijkdom.
Ik zal uw voorschriften overpeinzen, op uw weg zal ik letten.
Ik heb genoegen in uw wetten en ik zal uw woord niet vergeten.

Doe wel aan uw knecht opdat ik leef en uw woord zal bewaren.
Open mijn ogen, dat ik zal zien de wonderen van uw Tora.
Een vreemdeling ben ik op aarde, verberg uw geboden niet voor mij.
Mijn ziel kwijnt weg van verlangen naar uw recht te alle tijde.
U berispt de vervloekte hoogmoedigen, zij die tegen uw geboden ingaan.
Neem smaad en verachting van mij weg, want uw getuigenissen houd ik.
Al zetten vorsten zich neer en spreken tegen mij, uw knecht zal over uw wetten spreken.
Ja, in uw getuigenissen zal ik mij verlustigen,zij zijn mijn raadslieden.

Mijn ziel kleeft aan het stof, maak mij levend naar uw woord.
Ik vertelde mijn weg, U antwoordde mij, leer mij uw wetten.
Onderwijs mij de weg van uw voorschriften, dan zal ik spreken over uw wonderen.
Mijn ziel huilt van verdriet, ondersteun mij in overeenstemming met uw woord.
Doe de weg van de leugen van mij wijken, schenk mij genadig uw Tora.
Ik heb de weg van Emuna gekozen, uw recht heb ik [voor mij] gesteld.
Ik klem mij vast aan uw getuigenissen, Hashem, maak mij niet beschaamd.
Ik zal de weg van uw geboden lopen, want U verruimt mijn hart.

Onderwijs mij de weg van uw wet Hashem dan zal ik die tot het einde houden.
Geef mij verstand, zodat ik uw Tora zal houden en van ganser harte zal bewaren.
Laat mij het pad betreden van uw geboden, want daarin heb ik vreugde.
Neig mijn hart tot uw getuigenissen en niet tot winstbejag.
Wend mijn ogen af, dat ik geen ijdele dingen zie, maak mij levend naar uw weg.
Bevestig uw belofte aan uw knecht, die uw vrees is toegedaan.
Wend mijn schande van mij af, die ik vrees, want uw recht is goed.
Zie ik verlang naar uw voorschriften, maak mij levend naar uw gerechtigheid.

Hashem laat uw goedertierenheid over mij komen, uw redding, naar uw woord;
opdat ik mijn lasteraar iets heb te antwoorden, want ik vertrouw op uw woord.
En neem het woord van de waarheid niet geheel van mijn mond, want ik hoop op uw recht,
en ik zal uw Tora voor altoos en immer onderhouden.
En ik zal wandelen in een wijdse ruimte, want ik zoek uw voorschriften.
Ik zal spreken van uw getuigenissen voor koningen en ik zal mij niet schamen.
Ik heb lust in uw geboden, die ik liefheb;
en ik hef mijn handen op naar uw geboden, die ik liefheb en ik zal uw wetten overpeinzen.

Gedenk het woord aan uw knecht, waarop U mij laat hopen;
dit troost mij in mijn ellende, want uw woord maakt mij levend.
De hoogmoedigen bespotten mij zeer, van uw Tora zal ik mij niet afwenden.
Hashem, vanouds gedenk ik uw recht, en word ik getroost.
Woede greep mij aan vanwege de goddelozen, die uw Tora verlaten.
Uw wetten zijn voor mij als muziek in het huis van mijn vreemdelingschap.
Hashem, ik gedenk in de nacht uw naam, en ik houd uw Tora.
Dit werd mijn deel, omdat ik uw voorschriften bewaarde.

Hashem is mijn deel, ik heb beloofd uw woorden te onderhouden.
Ik smeek van ganser harte om uw gunst, wees mij genadig naar uw woord.
Ik denk na over mijn wegen, ik wend mijn voeten naar uw getuigenis.
Ik haast mij en talm niet om uw geboden te onderhouden.
Banden van de goddelozen omgeven mij, uw Tora zal ik niet vergeten.
Te middernacht sta ik op om U te danken voor het recht van uw gerechtigheid.
Ik ben een vriend voor allen die U vrezen en uw voorschriften bewaren.
Hashem, uw goedertierenheid vervult de aarde, leer mij uw wetten.

Hashem, doe goed aan uw knecht, naar uw woord.
Leer mij goed te onderscheiden en te kennen, want in uw geboden geloof ik.
Voor ik vernederd werd, dwaalde ik en nu houd ik uw woorden.
U bent goed en weldoend, leer mij uw wetten.
De hoogmoedigen wrijven mij leugens aan, ik bewaar van ganser harte uw voorschriften.
Ongevoelig als vet is hun hart, maar mij aangaande ik verlustig mij in uw Tora.
Het is goed voor mij vernederd te zijn geweest, opdat ik uw wetten leer.
De Tora uit uw mond is mij liever dan duizend goud- en zilverstukken.

Uw handen hebben mij gemaakt en toebereid, onderwijs mij, opdat ik uw geboden leer.
Die U vrezen, zien mij en verheugen zich, want ik hoop op uw woord.
Hashem, ik weet dat uw recht rechtvaardig is en U hebt mij in trouw vernederd.
Laat uw genade mij tot troost zijn, naar uw woord aan uw knecht.
Laat uw barmhartigheid over mij komen en ik zal leven, want ik heb lust in uw Tora.
Mogen de hoogmoedigen beschaamd worden, want zij behandelen mij zonder oorzaak onrechtvaardig; ik overdenk uw voorschriften.
Mogen zij tot mij terugkeren die U vrezen en die uw getuigenissen kennen.
Mag mijn hart onberispelijk zijn in uw wetten, opdat ik niet beschaamd word.

Mijn ziel smacht naar uw redding op uw woord hoop ik.
Mijn ogen smachten naar uw woord; wanneer zult U mij vertroosten?
Want ik ben geworden als een leren zak in rook, uw wetten vergeet ik niet.
Hoeveel zijn de dagen van uw knecht, wanneer zult U recht doen jegens mijn vervolger?
De hoogmoedigen graven voor mij een kuil, wat niet in overeenstemming is met uw Tora.
Al uw geboden zijn betrouwbaar; zij vervolgen mij zonder oorzaak, help mij!
Zij hebben mij bijna omgebracht op aarde, ik heb uw voorschriften niet verlaten.
Maak mij levend naar uw genade, ik zal de getuigenissen van uw wet bewaren.

Voor eeuwig, Hashem, houdt uw woord stand in de hemelen.
Uw trouw is van geslacht tot geslacht, U grondvest de aarde, en zij blijft staan;
naar uw recht staan zij heden ten dage, want allen zijn uw knechten.
Was uw Tora niet mijn lust geweest, dan was ik vergaan in mijn ellende.
Ik wil uw voorschriften nimmermeer vergeten, want hierdoor hebt U mij levend gemaakt.
Ik ben de uwe, red mij, want ik zoek uw voorschriften.
De goddelozen wachten op mij om mij te vernietigen; ik geef acht op uw getuigenissen.
Aan alle dingen heb ik een einde gezien, maar uw gebod is onbegrensd.

Hoe lief heb ik uw Tora! De hele dag is zij mijn overpeinzing.
Uw geboden maken mij wijzer dan mijn vijanden, want zij zijn voor eeuwig bij mij.
Van al mijn leraren werd ik wijzer, want uw getuigenissen overpeins ik.
Van de ouden leerde ik begrijpen, want uw voorschriften onderhoud ik.
Van elke slechte weg houd ik mijn voet terug, opdat ik uw woord bewaar.
Van uw recht week ik niet af, want U onderwees mij.
Hoe aangenaam is uw woord voor mijn gehemelte en meer dan honing voor mijn mond.
Ik geef acht op uw voorschriften; daarom haat ik elk leugenpad.

Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad.
Ik heb gezworen en zal het gestand doen, om uw rechtvaardig recht te houden.
Ik ben al te zeer vernederd, Hashem, doe mij leven naar uw woord.
Hashem, heb behagen in de vrijwillige offergaven van mijn mond en leer mij uw recht.
Mijn leven is altijd in mijn hand, maar uw Tora vergeet ik niet. De goddelozen leggen mij een strik, maar van uw voorschriften dwaal ik niet af.
Uw getuigenissen heb ik voor eeuwig geërfd, want vreugde voor mijn hart zijn zij. Ik neig mijn hart om uw wetten te doen, voor altijd, tot het einde toe.

Ik haat weifelaars, maar heb uw Tora lief.
U bent mijn schuilplaats en mijn schild, ik hoop op uw woord.
Wijkt van mij jullie boosdoeners, want ik houd de geboden van mijn Elokim.
Ondersteun mij naar uw woord en ik zal leven en niet beschaamd worden in mijn hoop.
Sterk mij, opdat ik gered word, ik vertrouw steeds op uw wetten.
U veracht allen die van uw wetten afdwalen, want hun bedrog is een leugen.
Al de goddelozen van de aarde doet U weg als schuim,daarom heb ik uw getuigenissen lief.
Mijn vlees beeft van schrik voor U en ik vrees voor uw recht.

Ik heb recht en gerechtigheid gedaan, laat mij niet over aan mijn verdrukker.
Wees borg voor uw knecht ten goede, laat de hoogmoedigen mij niet verdrukken.
Mijn ogen smachten naar uw redding en naar het woord van uw gerechtigheid.
Doe met uw knecht naar uw genade en leer mij uw wetten.
Ik ben uw knecht, geef mij inzicht, opdat ik uw getuigenissen ken.
Het is tijd voor Hashem om te handelen, zij vertreden uw Tora.
Daarom houd ik van uw geboden, meer dan van goud, ja dan fijn goud,
daarom houd ik alle bevelen in alles voor recht, elk leugenpad haat ik.

Uw getuigenissen zijn wonderbaar, daarom behoudt mijn ziel ze.
Het openen van uw woorden geeft licht, terwijl het de eenvoudigen inzicht geeft.
Ik doe mijn mond wijd open en ik verlang hevig, want ik hunker naar uw geboden.
Wend U tot mij en wees mij genadig, zoals recht is voor degenen die uw naam liefhebben.
Ik richt mijn schreden naar uw woord en laat niet al het onrecht over mij heersen.
Red mij van de onderdrukking door een mens, en ik zal uw voorschriften bewaren.
Laat uw aangezicht schijnen over uw knecht, en leer mij uw wetten.
Mijn ogen vloeien als waterbeken, omdat zij uw Tora niet houden.

Hashem U, bent rechtvaardig; uw recht is eerlijk.
U gebood de rechtvaardigheid van uw getuigenissen en in grote trouw.
Mijn ijver heeft mij verteerd, want mijn vijanden vergeten uw woorden.
uw woord is zeer beproefd en uw knecht heeft het lief.
Ik ben jong en veracht, uw voorschriften ben ik niet vergeten.
Uw gerechtigheid is gerechtigheid voor eeuwig, en uw Tora is waarheid.
Verdrukking en ontbering hebben mij gevonden, in uw geboden verlustig ik mij.
Uw getuigenissen zijn gerechtigheid voor eeuwig; onderwijs mij, en ik zal leven.

Ik roep met heel mijn hart; antwoord mij, Hashem; ik zal uw wetten bewaren.
Ik roep U; red mij, en ik zal uw getuigenissen bewaren.
Ik sta vroeg op voor zonsopgang en roep om hulp, op uw woord hoop ik.
Mijn ogen lopen vooruit op de nachtwakers, om uw woord te overdenken.
Hashem, luister naar mijn stem, overeenkomstig uw genade; maak mij levend naar uw recht.
Zij die schanddaden najagen zijn nabij, en zijn ver van uw Tora;
Hashem, U bent nabij, en al uw wetten zijn waarheid.
Van oudsher ken ik uw getuigenissen, want U hebt ze voor eeuwig gegrondvest.

Zie mijn ellende en red mij, want ik vergeet uw Tora niet.
Voer mijn rechtsgeding en verlos mij, maak mij levend naar uw woord.
Redding is ver van de goddelozen, want uw wetten zoeken zij niet.
Hashem, uw barmhartigheid is groot, maak mij levend naar uw recht.
Mijn vervolgers en verdrukkers zijn talrijk, ik wijk niet af van uw getuigenissen.
Ik zie de trouwelozen, ik walg van hen die uw woord niet bewaren.
Zie, Hashem, want ik heb uw voorschriften lief; maak mij levend naar uw trouw.
Heel uw woord is waarheid, heel uw rechtvaardig recht is eeuwig.

De vorsten achtervolgen mij zonder oorzaak, en mijn hart vreest voor uw woord.
Ik verheug mij over uw woord als iemand die veel buit vindt.
Ik haat en verafschuw de leugen, maar uw Tora heb ik lief.
Ik loof U dagelijks zeven maal voor uw rechtvaardig recht.
Veel vrede hebben zij, die uw Tora liefhebben, er is voor hen geen struikelblok.
Ik hoop op uw redding Hashem, en uw geboden doe ik.
Mijn ziel bewaart uw getuigenissen, ik heb ze zeer lief.
Ik houd uw voorschriften en uw getuigenissen, want al mijn wegen zijn voor U.

Hashem, laat mijn luide smeking naderen voor uw aangezicht: geef mij verstand naar uw woord.
Mag mijn smeking komen voor uw aangezicht, red mij naar uw woord.
Mijn lippen zullen overvloeien van lof, wanneer U mij uw wetten leert.
Mijn tong zal uw woord bezingen, want al uw geboden zijn rechtvaardig.
Uw hand zal mij tot hulp zijn, want uw voorschriften heb ik gekozen.
Hashem, ik heb uw redding begeert, en ik heb lust in uw Tora.
Laat mijn ziel leven en U loven, en uw recht zal mij tot hulp zijn.
Ik heb gedwaald als een verloren schaap, zoek uw knecht, want uw geboden zal ik niet vergeten.

Malben - Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.