BSD

Parasja Wajisjlach, Genesis 32:4-36:43

Profetenlezing Obadja 1:1-21

de berg Gerizim Jacob stuurde engelen als boodschappers naar zijn broer Esav in het land Seïr¹, het gebied van Edom², om hem mee te delen, dat uw knecht Jacob bij Lavan heeft gewoond (garti) en nu pas gekomen is. Ook heeft Jacob veel bezit aan dieren en vee en daarvan wil hij een deel aan Esav schenken om genegenheid in zijn ogen te vinden.

Rasji schrijft onder andere bij het Hebreeuwse woord garti, ik woonde/ik heb gewoond: bij de slechte Lavan heb ik gewoond en de 613 geboden heb ik onderhouden, ik heb niet van zijn slechte daden geleerd. Het woord 'garti' heeft dezelfde getalswaarde als 613.

De engelen kwamen Jacob melden dat zijn broer Esav met vierhonderd krijgsman onderweg is. Hierop nam Jacob maatregelen en bereidde zich op alles voor. Jacob bad tot HaSjem om hulp, Jacob maakte geschenken gereed en Jacob maakte zijn kamp gevechtsklaar.

Tijdens de voorbereiding op de ontmoeting met Esav bracht Jacob zijn kamp aan de andere kant van de rivier en omdat er nog enkele kleine dingen vergeten waren ging Jacob nogmaals de rivier door om deze op te halen. Daar worstelde Jacob met een man tot de dag aanbrak: Jacob worstelde met de engel van Esav en overwon. Jacob had hierbij, door de klap van de man, zijn heup ontwricht en tot op de dag van vandaag wordt als herinnering hieraan de heup-spier van kosjere dieren niet gegeten.

De man ofwel de engel wilde weer terug om het lied (in de hemel) te zeggen want de dag was aangebroken, maar Jacob liet de man niet gaan voordat hij hem zou zegenen. De man vroeg Jacob naar zijn naam en daarop zei de man dat zijn naam niet langer Jacob zal zijn maar Israël omdat jij met HaSjem en met mensen hebt gevochten en je hebt het aangekund. Jacob vroeg naar de naam van de man, de man antwoordde hem echter waarom vraag je naar mijn naam [Rasji schrijft hier over de engel: ik heb geen vaste naam, onze namen veranderen en zijn afhankelijk van de taak die wij moeten verrichten]. In Genesis 35:10 gaf HaSjem Jacob de naam Israël en vanaf dat moment is dat zijn naam: Israël.

Jacob waarvan de naam gebaseerd is op het woord hiel, aqev, wordt nu Israël, dat gebaseerd is op het woord hoofd, rosj. Israël kan namelijk als Li rosj geschreven worden. Nu is Jacob op een ander en hoger niveau gekomen in zijn werk voor HaSjem.

Israël (JiSRAëL) geeft eveneens de eerste letters van de aartsvaders en de aartsmoeders aan. De joed (J) staat voor Jitschaq (Isaac) en Jacob, de sin (S)voor Sara, de resj (R) voor Rivka en Rachel, de alef (A) voor Abraham en de lamed (L) voor Lea.

Na de worsteling in Pniël zag Jacob dat Esav met vierhonderd man kwam en Esav rende naar Jacob toe en omhelsde hem en kuste hem. Het neerbuigen van Jacob deed bij Esav erbarmen opwellen, ondanks zijn haat tegen Jacob.

Esav had al de dieren, vee en kleinvee onderweg gezien en nu zag hij ook de vrouwen en kinderen van Jacob en zei dat hij al veel had en dat Jacob kon houden wat hij heeft, Genesis 33:9.

Jacob echter vroeg Esav om de geschenken die hij gebracht had aan te nemen omdat hij alles heeft, Genesis 33:11. Esav zei dat hij veel had en Jacob zei dat hij alles heeft. In Spreuken der Vaderen staat: Wie is er rijk? Diegene die blij is met wat hij heeft. Dit was de levenswijze van Jacob. Jacob was tevreden met wat HaSjem hem geschonken had. Esav daarentegen zei dat hij veel had en dat wil zeggen dat het nooit genoeg is en er altijd nog meer bij kan. Dit is een materialistische levenswijze die tegen de Tora ingaat.

Esav wilde graag dat Jacob met hem mee naar Seïr zou gaan, maar dit is niet mogelijk en zodoende ging Esav alleen terug. Waar zijn de vierhonderd man gebleven die met Esav waren meegekomen? Zij waren al doende één voor één gevlucht en HaSjem heeft dit bij David in 1 Samuël 30:17 weer rechtgetrokken.

Jacob ging naar Soekkot en daar bouwde Jacob een huis en voor de dieren en het vee maakte hij hutten en hier verbleef hij anderhalf jaar. Generaties later vroegen de stammen Ruben en Gad, die rijk gezegend waren met grote kudden Numeri 32:1 ev, aan Mozes om zich aan de andere kant van de rivier te mogen vestigen, omdat daar veel vruchtbaar land voor de kudden aanwezig was. Mozes was hier boos over omdat zij het belang van de kudden voor hun families stelden. Dit strookte niet met het voorbeeld dat Jacob gezet had.

Daarna vertrok Jacob naar Sechem en kwam daar volkomen aan. Volkomen in zijn lichaam: zijn lichaam was genezen van de kreupelheid, volkomen in zijn bezit: er ontbrak niets ondanks het geschenk aan Esav en hij was volkomen in zijn Tora: hij was niets vergeten tijdens zijn verblijf bij Lavan.

Jacob kocht hier op de vooravond van de sjabbat voor honderd Kesjita een stuk land van de zonen van Chamor, de vader van Sechem. Jacob bouwde daar een altaar. HaSjem had Jacob uit de handen van Lavan en van Esav gered.

En Dina de dochter van Lea ging erop uit om de meisjes van het land te bezoeken, Genesis 34:1. Hier wordt Dina de dochter van Lea genoemd omdat Lea ook iemand was die uitging en Jacob tegemoet kwam, Genesis 30:16. Het uitgaan van Lea moet op een positieve manier bekeken worden, Lea wilde graag veel zonen, stammen, voortbrengen. Ook het uitgaan van Dina moet positief bekeken worden: zij wilde graag de meisjes van het land naar HaSjem laten terugkeren en hun daden verbeteren. Dit is een karaktertrek die zij van haar moeder heeft meegekregen en niet van Jacob. Jacob wilde niet dat zij zich hiermee bezig zou houden. Jacob had voor de ontmoeting met Esav Dina in een kist verstopt en hiermee had Jacob de mogelijkheid ontnomen dat Dina als vrouw van Esav hem weer op de rechte weg zou kunnen brengen. Uiteindelijk hadden de zonen van Jacob de dochters van Sechem krijgsgevangen genomen en werden zij slavinnen en keerden zij op deze wijze terug op het rechte pad. [De Lubawitscher Rebbe].

Dina was slechts zes jaar oud toen haar het gebeuren met Chamor overkwam en Sjimon en Levi, de broers van Dina, waren 13 jaar oud toen zij de wapens opnamen om de mannen van de stad om te brengen. Deze leeftijden zullen wel wat vragen doen rijzen. Uit de bronnen is na wat rekenwerk af te leiden dat Ruben, Sjimon en Levi na een zwangerschap van zes maanden en twee dagen werden geboren. Overigens jongens van dertien jaar (bar mitswa) worden voor de wet als mannen beschouwd.

Hierna verscheen HaSjem aan Jacob en zei hem naar Bethel te gaan om daar een altaar te bouwen voor HaSjem, die jou verschenen is toen je voor je broer Esav bent gevlucht. Je bent te lang onderweg geweest en daarom ben je gestraft met hetgeen je dochter is overkomen[Rasji].

In Genesis 35:8 wordt hier over het sterven van Devora geschreven. Wat doet Devora de voedster van Rivka hier bij Jacob? Rivka had Jacob bij zijn vertrek naar Lavan gezegd dat zij hem naar Padam Aram stuurde en dat zij hem ook vandaar zou ophalen. Rivka had Devora naar Padan Aram gestuurd om Jacob te vertellen weer terug naar huis te keren. [Dit heeft Rasji van Mosje haDarsjan geleerd]. Zij is in Alon Bachoet (de eik van het wenen) begraven.

Hierna verscheen HaSjem nogmaals aan Jacob en werd hem de naam Israël gegeven. Jacob trekt weer verder en nu moest Rachel onderweg bevallen. Het was een moeilijke bevalling omdat het hoofd niet op de juiste plek lag. Daarom kon de vroedvrouw al vertellen dat zij een tweede zoon had gebaard. Rachel stierf hier op de leeftijd van 36 jaar en Jacob begroef haar ter plekke in Beth Lechem. Vervolgens verplaatste Ruben de oudste zoon het bed van Jacob dat na het overlijden van Rachel in de tent van Bilha stond naar de tent van zijn moeder Lea, die toch de zus van Rachel was. Tijdens de reis van Jacob naar zijn vader Isaac in Chevron overkwamen hem al deze dingen.

Isaac stierf 180 jaar oud en Esav en Jacob begroeven hem in de spelonk van Machpela. De parasja sluit af met de vermelding van de nageslachten van Esav.

Wij hopen elkaar weer te treffen bij de volgende parasja: parasjat Wajesjev, Genesis 37:1-40:23 en de bijbehorende profetenlezing luidt Amos 2:6-3:8

Jael, februari 2014.

¹Seïr is een verwijzing naar de harige geitevellen die Jacob droeg bij het ontvangen van de zegen van de eerstgeborene.
²Edom is een verwijzing naar de rode linzensoep waarmee Esav zijn eerstgeboorterecht aan Jacob heeft verkocht. Esav heeft deze twee namen aan zijn gebied gegeven als voortdurende herinnering aan zijn haat jegens zijn broer Jacob.

Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.

Aantekeningen

Home Malben

printer

Emuna is het standvastig geloof in een enige, soevereine, alwetende, welwillende, geestelijke, bovennatuurlijke en almachtige Schepper van het universum, die wij God noemen. Emuna bestaat uit drie niveaus: Niveau één is het geloof in de Goddelijke Voorzienigheid; Niveau twee is het geloof dat Hashem alles doet wat het beste voor ons is; Niveau drie is het geloof dat Hashem alles doet met een specifiek doel. Deze thesen zijn nader uitgewerkt in het boek "The Garden of Emuna".

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.