BSD

Parasjat Korach, Numeri 16:1-18:32.

De Weg naar de Hemel

korach De Talmoed gelooft niet in "gelijkheid." Volgens deze oude opslagplaats van joodse wijsheid, moet je, als een goede en een slechte kerel solliciteren naar een baan, de goede alle publiciteit geven en de kwade negeren. Zelfs zijn naam moet je niet noemen.

De Talmoed heeft een bron voor zijn vooroordelen - het nog oudere Spreukenboek van Salomo, waarin staat: "De herinnering aan de rechtvaardige is tot zegen, maar de naam van goddelozen zal wegteren" (Spreuken 10:7). Dit vers citerend beslist de Talmoed dat "het verboden is om een ​​kind te vernoemen naar een verdorven persoon."

Dit roept de vraag op waarom de Tora lezing van deze week (Numeri 16-18) genoemd is naar "Korach", naar de man die een opstand tegen Mozes en Aäron heeft geleid? Als de Tora niet wil dat wij onze kinderen noemen naar Farao Jozef Vissarionovich of Kapitein Hook, waarom noemt men deze afdeling dan naar een onverbeterlijke zondaar, iemand wiens acties zodanig het voortbestaan ​​van het volk van Israël bedreigde, dat God hem door de aarde liet verzwelgen, zodat hij "levend in de afgrond afdaalde"?

"De weg naar de hel", zegt het spreekwoord, "is geplaveid met goede voornemens." Korach, de enige man waarvan bekend is dat hij deze onsmakelijke plaats levend bereikt heeft, werd ook aangedreven door positieve verlangens en motieven. Zoals de Tora vertelt, werd Korach gemotiveerd door een verheven spirituele verlangen - de wens om een ​​Kohen Gadol ("Hogepriester") te worden. Dat is het hoogste niveau, in de dienst van God, dat iemand kan bereiken.

Hoe weten we dat dit een positief verlangen was? Ten eerste omdat onze wijzen vertellen dat er in de toekomstige perfecte wereld van de Messias ieder van ons het niveau van intimiteit met God zal hebben, die Korach wenste te bereiken. Ten tweede, omdat we weten dat iemand anders die het, net als Korach, door een Goddelijke besluit werd verboden om op te treden als een Kohen Gadol en die desalniettemin werd gedreven door een onverzadigbaar verlangen om dat te doen. Die ander was Mozes zelf.

Hier zegt Mozes tegen Korach: "We hebben maar één God, één Tora, één wet, één Kohen Gadol en één Heiligdom. Maar toch wens jij het Hoge Priesterschap. Ook ik verlang dit.." (Midrasj Tanchoema; door Rashi geciteerd op Numeri 16:10).

"Ook ik wens dit!" Wil Mozes grappig zijn? De advocaat van de duivel spelen? Of mogen we een kijkje in de ziel van Mozes nemen, een ziel gedreven door een alles verterend verlangen naar iets dat zo verheven en Goddelijke is, dat het zelfs buiten het bereik van een Mozes is, een ziel die zijn diepste verlangens gefrustreerd weet door een goddelijk bevel: "..Stop. Nee. Nog niet"

Zowel Korach als Mozes verlangden hetgeen verboden was. In Korach bracht het verlangen vernietiging over hemzelf en zijn volgelingen. In Mozes wakkerde dit verlangen een leven van grootheid aan.

De weg naar de hel is geplaveid met heilige verlangens. Zo is de weg naar de hemel. Het verschil is subtiel, maar cruciaal: het verschil tussen een heilig verlangen in strijd met Gods bevel, en het voeden van het verlangen, er mee worstelend, een leven hartstochtelijk gewijd aan het bereiken van dit verlangen - maar zich onthouden van elke actie omdat het voorwerp van het verlangen is verboden.

Dit is de reden waarom, de Rebbe verklaart, dat er een sectie in de Tora Korach genoemd wordt. De Tora vertelt ons dat er twee Korachs zijn: Korach de mens, en Korach de Torah portie. Of, zo u wilt, het lichaam van Korach en de geest van Korach. Korach de mens, die de grens tussen goed en kwaad overschrijdt, de grens afgebakend door de geboden van God, dient te worden afgewezen. Korach de Tora portie - het heilige verlangen dat de barricades, die God heeft opgeworpen om onze ziel in zijn streven naar de hemel te dwarsbomen, bestormt; een verlangen dat streeft en streeft maar niet durft over te steken in strijd met de goddelijke wil - dient te worden omarmd.

Door Yanki Tauber

Bron: The Road to Heaven

Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.

Aantekeningen

Home Malben

printer

Emuna is het standvastig geloof in een enige, soevereine, alwetende, welwillende, geestelijke, bovennatuurlijke en almachtige Schepper van het universum, die wij God noemen. Emuna bestaat uit drie niveaus: Niveau één is het geloof in de Goddelijke Voorzienigheid; Niveau twee is het geloof dat Hashem alles doet wat het beste voor ons is; Niveau drie is het geloof dat Hashem alles doet met een specifiek doel. Deze thesen zijn nader uitgewerkt in het boek "The Garden of Emuna".

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.