BSD

De maand Siwan

Mozes met de tiengeboden. Schilder Rembrandt. De maand siwan is de derde maand vanaf de maand nisan en deze maand kent één centraal feest: het wekenfeest.

Het wekenfeest valt op 6e siwan, 27 mei 2012 en duurt één dag lang. Het wekenfeest kent verschillende namen en elke naam geeft een ander aspect van het feest weer.

Wij beginnen met de naam Wekenfeest want onder deze naam is het feest algemeen bekend. De naam wekenfeest duidt op de zeven weken van de Omer-telling vanaf Pesach tot aan het wekenfeest toe. Nu, op de 50e dag is het tellen als voorbereiding voltooid en kan het feest aanvangen.

Een andere naam voor dit feest is het feest van de eerstelingen. Evenals Pesach is ook dit feest een pelgrimsfeest. Het volk trekt op naar Jeruzalem naar de Tempel om de eerstelingen als dankoffer te brengen. De eerstelingen worden alleen van de uitgelezen vruchten van het land Israël gebracht. Er zijn zeven uitgelezen vruchten die bij het land Israël horen: tarwe, gerst, druiven, granaatappels, vijgen, dadels en olijven. Deze vruchten worden als meel, of als wijn of als honing of olie of als gedroogde vruchten gebracht.

Nog een andere naam voor dit feest is Atseret. Atseret betekent afsluiting of slot. In de mondelinge leer, de Talmoed, wordt de naam Atseret gebruikt. Met Atseret wordt het Pesachfeest afgesloten.

Een vierde naam voor dit feest is: feest van de gave van de Tora. Het volk Israël ontvangt in de woestijn het grote geschenk: de Tora.

Op de vooravond van het wekenfeest worden de rouwregels die tijdens de Omer-telling in acht waren genomen, opgeheven. Iedereen maakt zich klaar om het feest schoon en als nieuw te betreden. Het huis wordt van bloemen en groen voorzien, maar bovenal wordt de heilige Ark, in de synagoge, waarin de torarollen zich bevinden, met groen versierd. Dit is een herinnering aan de berg Sinaï die op de dag van de gave van de Tora in volle glorie bloeide.

In de midrasj, het verhalende gedeelte van de mondelinge leer, wordt verteld hoe HaSjem de volkeren van de wereld vroeg of zij de Tora wilden ontvangen. Zo vroeg HaSjem aan de Ismaëlieten of zij de Tora wilden ontvangen. De vraag van de Ismaëlieten was wat er in de Tora geschreven staat. Wel, in de tien geboden staat, dat je niet mag stelen. O nee hoor, wij willen de Tora niet want ons leven bestaat uit stelen. HaSjem ging vervolgens naar de Edomieten toe en vroeg hen of zij de Tora wilden ontvangen. De Edomieten vroegen ook naar de inhoud van de Tora. HaSjem antwoordde hen dat je niet mag moorden. O nee hoor, dat is niet voor ons, moorden is een onderdeel van ons leven. Daarna ging HaSjem naar de Arabieren en vroeg hen ook of zij de Tora wilden ontvangen. Ook de Arabieren wilden graag weten wat er in de Tora geschreven staat. Wel, er staat geschreven dat je je ouders moet respecteren. O nee hoor antwoordden de Arabieren, wij luisteren niet naar onze ouders. Zo ging HaSjem van volk tot volk en geen enkel volk was bereid om de Tora te ontvangen. Tenslotte vroeg HaSjem het volk Israël of zij misschien de Tora wilden ontvangen. Het volk Israël antwoordde in volkomen eenheid: wij zullen de Tora naleven en wij zullen horen wat er in de Tora staat. Het volk Israël vroeg zich niet eerst af wat er in de Tora geschreven staat, zij waren direct bereid om de Tora te ontvangen.

Er is nog een ander interessant verhaal uit de midrasj. Dit verhaal betreft de ruzie tussen de bergen. De berg Carmel beweerde dat hij zo´n mooie berg is en dat HaSjem de Tora aan het volk Israël op hem zal geven. Dan komt de berg Tabor: wel nee, niet op jou berg Carmel, maar op mij zal de Tora gegeven worden, ik ben veel mooier dan jij. Daar komt ook de berg Basan aan en zegt tegen de berg Carmel en de berg Tabor: de Tora zal niet op jullie gegeven worden, maar juist op mij, er bestaat geen mooiere berg dan ik.

De berg Sinaï hoort dit allemaal aan en zwijgt, tja ik ben nu eenmaal maar een kleine berg en stel niet zoveel voor. Toen zei HaSjem tegen de trotse bergen, waar maken jullie ruzie over, de Tora zal niet op jou berg Basan, niet op jou berg Tabor en ook niet op jou berg Carmel gegeven worden. De Tora zal juist op de nederige berg Sinaï gegeven worden. De trotse bergen schaamden zich en HaSjem zette de nederige berg Sinaï in volle bloei ter ere van de Tora.

De zeven vruchten van Israël. Vanaf links boven met de klok mee zijn het: tarwe, gerst, dadels, druiven, vijgen, granaatappel en olijven. In de nacht van het wekenfeest wordt Tora geleerd. Uit elk onderdeel van de Tora, de profeten en de geschriften wordt een gedeelte gelezen, alsmede delen uit de mondelinge leer en de 613 geboden. Aansluitend wordt het ochtendgebed bij het begin van het eerste daglicht gezegd. De Toralezing bestaat uit Exodus 19:1 tot Exodus 20:23, waarin de tien geboden staan. Verder wordt er nog uit Numeri 28:26 tot 31 gelezen, over het brengen van de eerstelingen naar de Tempel. De profetenlezing is uit Ezechiël 1:1 tot 28 en 3:12.
Er zijn nog speciale gebeden voor het wekenfeest aan het ochtendgebed toegevoegd. Bij elk feest hoort een feestrol en bij het wekenfeest hoort de feestrol Ruth.

De 6e siwan is eveneens zowel de geboorte- als de sterfdag van koning David, een afstammeling van Ruth de Moabietische en het is een goede gewoonte om op deze dag het psalmboek, dat door koning David is geschreven, te lezen.

Een oude traditie die bij het wekenfeest hoort, is het nuttigen van melkproducten. Zo worden er onder anderen blintzes, gevulde flensjes, gegeten. Ook is een kaas- kwark- of yoghurt taart een lekkernij die geserveerd wordt. Maar een echte Nederlandse boterkoek kan ook.
Voor het nuttigen van melkproducten op dit feest bestaan verschillende redenen, waarvan ik er twee wil noemen. Als eerste, wordt de Tora in Hooglied 4:11 vergeleken met melk en honing. Een tweede reden is dat het woord voor melk 1) in het Hebreeuws een getalwaarde van veertig heeft. Dit is een verwijzing naar de veertig dagen en nachten die Mozes op de berg Sinaï door heeft gebracht om de Tora te ontvangen.

Ter afsluiting nog enkele wetenswaardigheden over de maand siwan.

De maand siwan komt in de Esterrol voor en wel in Ester 8:9.

De maand siwan heeft als sterrenbeeld "tweelingen", hiermee wordt naar Mozes en Aäron verwezen. Mozes en Aäron worden als een eenheid gezien. Er zijn vele passages in de Tora waarin Mozes en Aäron beiden genoemd worden. Enkele voorbeelden hiervan zijn: Exodus 5:1, 7:8, 12:43, Numeri 2:1, 3:1. Aäron was onder anderen de mond van Mozes, Aäron deed het woord aan het hof van Farao in Egypte om het volk Israël te bevrijden.

Plaatsen in de Tora waar het wekenfeest genoemd wordt zijn Exodus 34:22, Numeri 28:26 tot 31 en Deuteronomium 16:10 tot 12.

1) Het woord voor melk in het Hebreeuws is chalav: chet, lamed en bet. Elke Hebreeuwse letter heeft ook een getalwaarde. Chet is 8, lamed is 30 en bet is 2. De som van deze getallen is 40.

Geschreven door Jael.

Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.

Aantekeningen

Home Malben

printer

Emuna is het standvastig geloof in een enige, soevereine, alwetende, welwillende, geestelijke, bovennatuurlijke en almachtige Schepper van het universum, die wij God noemen. Emuna bestaat uit drie niveaus: Niveau één is het geloof in de Goddelijke Voorzienigheid; Niveau twee is het geloof dat Hashem alles doet wat het beste voor ons is; Niveau drie is het geloof dat Hashem alles doet met een specifiek doel. Deze thesen zijn nader uitgewerkt in het boek "The Garden of Emuna".

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.