BSD

Spreuken van de Vaderen

Spreuken van de Vaderen, deel 5

spreuken 'Judah ben Tema zegt: Wees stoutmoedig als een panter, licht als een adelaar, lichtvoetig als een hert en machtig als een leeuw om de wil uw Vader in de Hemel te doen......' Mishna 5:20.

Stoutmoedig als een panter

Rabbi Obadja Bartenura schrijft in zijn commentaar op de Mishna, dat de panter een kruising tussen de leeuwin en het wilde zwijn is. Dat betekent dan dat de panter een bastaard is. Dat is de reden dat de panter stoutmoedigheid als eigenschap bezit.

Ook jij moet stoutmoedig en niet verlegen zijn om je rabbijn, je onderwijzer een vraag te stellen over hetgeen je niet begrepen hebt. Wij hebben al elders in de Spreuken van de Vaderen (2:5) geleerd dat een verlegen persoon niet kan leren.

De panter is misschien minder sterk vergeleken met de andere dieren, maar wel zeer stoutmoedig en onbevreesd. Het schijnt soms zelfs zo dat hij zijn eigen kracht en vlugheid overschrijdt. Zo moet ook de mens niet aarzelen om spirituele inspanningen die zijn capaciteiten te boven lijken te gaan op zich te nemen. Een mens moet juist stoutmoedig en onbevreesd als een panter zijn om zijn spirituele plichten, die buiten zijn vermeende capaciteiten liggen op te pakken. Wanneer je hier oprecht moeite voor doet dan zal HaSjem je van alle kracht voorzien om van de vermeende onmogelijkheid een werkelijkheid te maken.

Licht als een adelaar

De adelaar kan dankzij zijn krachtige vleugels zeer hoog vliegen. Voor een adelaar is het uiterst belangrijk om twee krachtige en goed ontwikkelde vleugels te bezitten om goed en accuraat te kunnen vliegen. Tevens dienen de vleugels even sterk te zijn om optimaal te kunnen vliegen.

Van de adelaar kunnen wij leren, dat het de opdracht van de mens is om 'hoog te vliegen': om spirituele hoogten te bereiken. Deze spirituele hoogten kunnen door het naleven van de mitswot (geboden) bereikt worden. In het algemeen zijn de mitswot onder te verdelen in twee categoriën: mitswot tussen de mens en HaSjem en mitswot tussen de mens en zijn medemens. Deze twee categorieën van de mitswot kunnen als vleugels beschouwd worden. Door het nakomen van de beide soorten mitswot kunnen wij grote hoogten bereiken.

De joodse traditie leert ons om beide categorieën na te leven en geen voorkeur te geven aan de mitswot tussen mens en medemens boven de mitswot tussen de mens en HaSjem of andersom. Wanneer wij echter één van de categorieën veronachtzamen, dan zijn wij als een vogel met slechts één vleugel.

Koning David schrijft in Psalm 103:5: 'Hij die uw mond met goedheid verzadigt, en uw jeugd vernieuwt als een adelaar.'
Rasji verklaart dat dit een verwijzing is naar het feit dat de adelaar (nesjer in het Hebreeuws) zijn veren jaarlijks afwerpt (nosjer) en weer nieuwe veren krijgt. Dat is een voorbeeld van een vernieuwde jeugd.

Het idee van het afwerpen van de veren en de vernieuwde ontstane kracht is een verwijzing naar het idee van 'teshuva': terugkeer, berouw. HaSjem heeft ons de weg van berouw, de weg van terugkeer gegeven waardoor wij ons als het ware van het verleden kunnen afschudden en losmaken. Zo worden we bij wijze van spreken spiritueel opnieuw geboren.

De boodschap van de Misjna is dat 'licht als een adelaar te zijn' het terugkeren naar HaSjem betekent om nieuwe spirituele hoogten te kunnen bereiken.

'Lichtvoetig als een hert'

Zo lichtvoetig als een hert de mitswot najagen. Een hert rent snel en raakt niet vermoeid. Zo moet ook een mens niet zeggen dat hij te vermoeid is om een mitswa (een gebod) te doen. [Rabbenoe Jona]

Anderszijds vlucht een hert voor de jager weg, zo moet iemand ook voor de pogingen van de kwade neiging, die hem in zijn net wil vangen, hard weglopen.
Volgens de Midrasj (op Hooglied 8:14) kijkt een hert wanneer hij rent constant achterom, om te zien of iemand achter hem aanjaagt. Het ligt in de menselijke natuur om vooruit te gaan en vooruitgang te boeken. Wij dienen van een hert te leren, om toch achterom te blijven kijken en te controleren of wij nog steeds aan de juiste bron: Tora en mitswot verbonden zijn. Er zijn er helaas bij die zichzelf voorbij rennen en daarbij de band met hun afkomst verliezen. Gezegend is degene die steeds achterom blijft kijken om te zien of zijn leven en zijn daden aan de Tora verbonden zijn.

Het lichtvoetige hert dat steeds achterom kijkt, terwijl hij rent, heeft ook een boodschap voor ouders. Er zijn veel ouders die zelf diep in Tora en mitswot verzonken zijn. Er zijn ook ouders die helemaal opgaan in hun hulp aan behoeftigen en hulp aan allerlei instellingen. Deze ouders zijn misschien gezwind in hun eigen vooruitgang en hun eigen bekwaamheden, zij dienen echter wel achterom te kijken en te zien wat er met hun eigen kinderen gebeurt. De Misjna zegt dus dat het niet voldoende is om jezelf te verbeteren en aan je eigen vooruitgang te werken, je moet je kinderen in dit proces meenemen en hen dezelfde liefde schenken die je de Tora en de mitswot schenkt.

'Machtig als een leeuw'

Wees machtig en sterk als een leeuw om de kwade neigingen te overwinnen en om geen overtredingen te begaan.

Jael

Uit: 'Questions and Answers on chapter 5 of Pirke Avot, Chabad.org'

Judah ben Tema is een Tanna die waarschijnlijk tot de laatste generatie van de Tannaim behoort.
Rabbi Obadja Bartenura is een 15e eeuwse Italiaanse rabbijn die bekend is om zijn commentaar op de Misjna.

'Er zijn vier soorten onder diegenen die naar het leerhuis gaan.

Iemand die gaat en niets doet heeft het loon voor zijn gaan naar het leerhuis in zijn hand. Iemand die leert maar niet naar het leerhuis gaat heeft het loon voor het doen in zijn hand. Iemand die gaat en doet is een chassied (een vrome). Iemand die noch gaat noch doet is een slechterik.' Spreuken van de Vaderen 5:14.

De vier zonen van de rijke

In de stad Mombay in Indië woonde een rijke joodse man, Samuël Raban geheten. Samuël was in het bezit van een groot landgoed alsmede vele andere eigendommen en stond tevens bekend als een vrijgevig mens. Samuël had inmiddels een hoge leeftijd bereikt en hij wilde het bestuur van zijn zaken aan zijn vier zonen overdragen. Echter voordat hij dit deed, wilde hij zijn zonen testen en zien of zij de verantwoordelijkheid over de vele eigendommen konden dragen.

Samuël riep zijn zonen bijeen en deelde hen mee dat hij voor een bepaalde periode naar een andere stad moest reizen en dat hij in die tussentijd het bestuur van zijn zaken aan hun zou overlaten.

'Mijn geliefde zonen, in de periode dat ik afwezig ben, vraag ik jullie om verantwoording te dragen over mijn landgoed en al mijn bezittingen. Ik heb voor jullie de aanwijzingen in detail genoteerd opdat jullie zullen weten wat jullie moeten doen. Mijn wens is dat jullie dagelijks vanuit jullie huis naar mijn landgoed komen en de aanwijzingen aandachtig te lezen om te weten hoe jullie de zaken het beste kunnen regelen.'

Met deze woorden nam Samuël afscheid van zijn zonen. Voordat Samuël echter de stad verliet, vroeg hij zijn trouwe dienstknecht om het gedrag van de zonen na te gaan en bij zijn terugkomst te vertellen.

Na een korte periode keerde Samuël terug naar zijn huis en de dienstknecht vertelde hetgeen er tijdens zijn afwezigheid was gebeurd. 'De oudste zoon kwam elke ochtend en zat uren lang in uw kamer en las aandachtig wat u had geschreven, verder deed hij niets. De tweede zoon daarentegen deed veel en regelde uw zaken. Hij heeft echter niet de moeite genomen om naar uw huis te komen om de aanwijzingen te lezen. De derde zoon kwam zelfs niet naar uw huis en deed niets om uw zaken te besturen. Maar de vierde zoon, uw nakomer, kwam dagelijks naar uw huis en las aandachtig de aanwijzingen die u had achtergelaten en bestuurde uw zaken zoals het hoorde.' Samuël was verheugd te vernemen dat er tenminste één zoon was die bekwaam en geschikt was om hem op te volgen. Zo, vanaf die dag begon de jongste zoon van Samuël met groot succes de zaken van zijn vader te besturen.

Om HaSjem op de juiste manier te dienen, moeten wij de Tora bestuderen en uitvoeren.

Uit 'Pirkee Avot, Da lecha beni, Malchoet Waxberger, 2016'

Aantekeningen

Home Malben

printer

Emuna is het standvastig geloof in een enige, soevereine, alwetende, welwillende, geestelijke, bovennatuurlijke en almachtige Schepper van het universum, die wij God noemen. Emuna bestaat uit drie niveaus: Niveau één is het geloof in de Goddelijke Voorzienigheid; Niveau twee is het geloof dat Hashem alles doet wat het beste voor ons is; Niveau drie is het geloof dat Hashem alles doet met een specifiek doel. Deze thesen zijn nader uitgewerkt in het boek "The Garden of Emuna".

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Mishna is de mondelinge Thora door God aan Mozes gegeven, uiteindelijk gecodificeerd door Rabbi Akiva, zijn leerling Rabbi Meir, en zijn leerling Rabbi Yehuda HaNassi, 1e tot 2e eeuw van de gewone jaartelling.

Tannaim zijn de wijzen, wiens zienswijzen in de Mishna zijn opgenomen. Ongeveer 10-220 gewone jaartelling

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.