BSD

Dit betreft een heel lang artikel. Het zal daarom in drie afleveringen worden gepresenteerd. Onderstaand is de eerste aflevering. De vertaler Jadied.

Wat is moraliteit?

Deel I

moraliteit

Samengevat: Zonder God is er geen geldige reden voor een moraal van welke aard dan ook, nieuw of oud. Het cruciale punt van dit argument is vast te stellen dat wat de kenmerken zijn van morele oordelen en wat hen uniek maakt om categorisch te zijn. Wat hier wordt bedoeld met 'categorisch' is eigenlijk wat Immanuel Kant bedoelde toen hij zei dat morele oordelen bindend zijn voor alle mensen, ongeacht de soort samenleving waarin ze leven.

Veel mensen zijn geneigd om te zeggen dat het enige dat het categorische element van morele oordelen kan rechtvaardigen, het feit is dat God ze heeft geboden. Echter, een gebod van God is niet een noodzakelijke en voldoende voorwaarde voor iets om een categorisch, moreel oordeel te zijn.

Wat is dan de rechtvaardiging van een moreel oordeel? Dit is een moeilijke vraag om te beantwoorden, maar ik denk dat die verbonden is met het idee dat we gemaakt zijn naar het beeld van God, en dus aangeboren elementen hebben van natuurlijke goedheid, die een essentieel onderdeel van de ziel en het leven van ieder mens zijn, en wordt uitgedrukt in de twee fundamentele morele begrippen van rechtvaardigheid en mededogen.

De Talmoed zegt in de naam van Rabbi Elazar ben Azarya: "Als er geen Tora is, is er geen ethiek, en als er geen ethiek is, is er geen Tora" (Ethiek van de Vaderen, 3:17). Bovendien, zo wordt gezegd, "Iedereen die zegt ik ben alleen geinteresseerd in de Tora (en niet in God), zo iemand heeft zelfs geen Tora." Tora zonder God is ondenkbaar. Hieruit volgt, dat zonder God er geen ethiek of moraal kan zijn. Dit is de mening van de Tora.

Er is echter een algemeen aanvaarde opvatting dat iemand moreel kan zijn of een moreel leven kan leiden zonder God. Ik geloof dat dit onjuist is, en de rest van dit artikel zal proberen uit te leggen waarom.

Voordat men zelfs een dergelijk betoog kan beginnen, moet men echter moraliteit definiëren. Want wanneer het niet duidelijk is hoe men een morele actie moet identificeren, hoe kan men dan weten of het wel of niet kan bestaan ​​zonder God? Ik zal dan beginnen met een poging om de vraag te beantwoorden, wat nu precies moraliteit is.

Een manier om deze vraag, die filosofen vaak gebruiken, is de vraag over de moraal te vervangen door een andere vraag, namelijk wat is een moreel oordeel? Als ik zeg, "liegen is verkeerd" of "men moet niet liegen," dan geef ik een moreel oordeel. Er zijn echter allerlei andere oordelen dan morele oordelen. Er zijn beschrijvende oordelen bijvoorbeeld wanneer ik zeg dat het regent dan is dit een beschrijving van het weer die waar of onwaar is. Morele oordelen zijn geen beschrijvingen van iets, maar evaluaties van mensen en hun daden, uitgedrukt in de vorm van een imperatief. Ze kennen waarde toe aan menselijk handelen, en vertellen of ze goed of slecht zijn, juist of fout zijn. Om deze reden worden ze "waardeoordelen" genoemd, en daarin verschillen zij van beschrijvende oordelen die gewoon de dingen beschrijven zonder enig waardeoordeel.

Een moreel oordeel, is echter niet de enige soort waardeoordeel. Ik kan iets beoordelen in termen van het nut ervan wanneer ik zeg: "Dat is een goed paard" of "dat is een goede auto", hetgeen betekent dat ze goed functioneren. Hoewel ik de term "goed" hier gebruik, wordt het anders gebruikt dan in een moreel oordeel, wanneer ik zeg dat het goed is om de waarheid te vertellen. In dit geval, bedoel ik niet dat het nuttig of voordelig is om de waarheid te vertellen, maar dat het moreel gezien goed is om te doen. De vraag is hoe verschilt morele goedheid van nuttige goedheid?

Immanuel Kant gaf de meest accurate beschrijving van een moreel oordeel en hoe die verschilt van andere vormen van waardeoordelen, in het bijzonder die utilitair zijn, toen hij zei dat de unieke eigenschap van een moreel oordeel is, dat die categorisch is. Wat Kant bedoelt met te zeggen dat een oordeel categorisch is, is dat het in zekere absolute zin geldt voor alle menselijke wezens. Of anders gezegd er bestaan geen aanvaardbare excuses voor het niet naleven van een moreel oordeel.

Bijvoorbeeld, er zijn geen excuses voor het liegen. Men moet gewoon geen leugens vertellen. Als ik zeg: "Ik zal u om twee uur ontmoeten." en ik zou bijvoorbeeld niet aan de afspraak kunnen voldoen. En als je mij vraagt ​​waarom ik niet kwam opdagen, zou ik zeggen dat mijn auto kapot was, dat ik me ziek voelde, of dat ik het gewoon vergeten was. En ik zou mij verontschuldigen. Al deze excuses, zouden onder de juiste omstandigheden worden aanvaard als redelijke excuses, en een charitatief mens zal vergeven en vergeten. Wat echter onaanvaardbaar zou zijn, is te zeggen dat ik beloofd had om u om twee uur te ontmoeten, terwijl ik niet van plan was mij aan die afspraak te houden. Dit kan men niet vergeven en vergeten. Het is gewoon onaanvaardbaar en men zou gerechtvaardigd zijn om slechte gedachten over een dergelijke iemand te hebben. Hij is onbetrouwbaar, hij liegt, hij is slecht, en elk fatsoenlijk mens wil niets te maken hebben met zo'n leugenaar.

Stel echter dat ik tegen iemand zeg: "U moet uw pianolessen oefenen." Hij zou een aantal acceptabele excuses kunnen geven. Hij zou zelfs kunnen zeggen dat hij zijn pianolessen niet wil oefenen, omdat hij een hekel heeft aan pianospelen, en dat de enige reden is dat hij pianolessen neemt is, omdat zijn moeder dat wil. Er is op het eerste gezicht geen verplichting om pianolessen te nemen maar wel om de waarheid te vertellen. Men zou kunnen zeggen dat men zijn pianolessen moet oefenen, als men een recital moet geven om niet in verlegenheid gebracht te worden. In die omstandigheden zou mijn verklaring dat hij zijn pianolessen moest oefenen een punt hebben en serieus genomen moeten worden vanwege de gevolgen van het niet goed spelen tijdens het recital.

Als men echter "ins blaue hinein" zou zeggen dat men altijd pianolessen moet nemen wat er ook gebeurt, dan kan men zich afvragen waarom, en het zou een redelijke vraag zijn die ​​om een ​​antwoord vraagt. Als men echter zegt dat je de waarheid moet vertellen of dat je niet mag liegen, zou slechts een slecht mens vragen om de ​​reden waarom men de waarheid zou moeten vertellen. Het is op het eerste gezicht verkeerd om te liegen en er zijn geen excuses om het te rechtvaardigen. In feite, als iemand een reden zou eisen waarom hij niet mag liegen, is dat al een teken dat hij een moreel tekort heeft. Een moreel goed mens zou het als vanzelfsprekend vinden. Met andere woorden, gewoon door mens te zijn in de samenleving heeft men de plicht niet te liegen. Echter een mens heeft in onze samenleving, niet perse de verantwoordelijkheid om pianolessen te nemen. Dat is aan jou. Als je piano wilt spelen en denkt dat je er een talent voor hebt, en als je de tijd en geld hebt, zou het goed zijn om lessen te nemen. Het is een kwestie van iemands prioriteiten en vrije keuze.

Dit is niet waar voor morele oordelen. Het is niet een kwestie van prioriteiten of men moet liegen. Je liegt gewoon niet, ook al zou het je geld kosten of tot je schande of beide zijn. Het moreel juiste ding om te doen in alle situaties is simpelweg niet te liegen, ongeacht de gevolgen.

Dit sluit de "witte" leugen uit wanneer de waarheid vertellen in strijd zou zijn met andere morele waarden die voorrang hebben op liegen, zoals het redden van een leven. Deze uitzonderingen doen echter geen afbreuk aan de categorische morele imperatief in situaties waar het verkeerd is om te liegen. Dat wil zeggen, als het verkeerd is om te liegen is het categorisch onjuist, en zijn er geen excuses voor. Wat het ook is dat liegen moreel verkeerd maakt, het zijn niet de gevolgen.

Aan de andere kant, wat maakt het spelen van de piano goed of liever gezegd wat zijn de consequenties. Het geeft genoegen aan de pianist en aan de degenen die luisteren. Als je spel door jezelf en de luisteraars niet goed gevonden wordt, zou er niets goeds zijn in je spel. Dat men piano zou moeten spelen is een hypothetisch oordeel. Het hangt af van de vraag of het goed is voor jou en/of voor de luisteraar.

Dit zijn eenvoudige voorbeelden maar de situaties in het leven zijn niet altijd zo gemakkelijk als deze. Maar het maakt niet uit, hoe ingewikkeld de situatie ook mag zijn, wat op het eerste gezicht moreel juist is in die situatie wordt nooit bepaald door de gevolgen, terwijl wat recht is in nuttige zin altijd wordt bepaald door de gevolgen. Om te zeggen dat liegen moreel verkeerd is, is daarom een ​​categorisch oordeel, dat wil zeggen, het is in zichzelf verkeerd afgezien van de gevolgen ervan; maar om te zeggen dat het pianospelen goed is, is een ​​hypothetisch oordeel, dat wil zeggen, de geldigheid of de juistheid van de beslissing hangt af van de gevolgen en is nooit perse goed of slecht, dat wil zeggen, in zichzelf.

Oorsprong van het Categorisch Oordeel

Kant was dan ook zeker correct, toen hij zei dat de essentie van een moreel oordeel is, dat het categorisch is. Dat is echter niet het einde van het probleem om de basis van de moraal te begrijpen. Sterker nog, het is slechts het begin van het probleem, want als de waarheid of onwaarheid van een moreel oordeel niet afhankelijk is van de gevolgen van activiteiten, waar hangt het dan vanaf? Hoe kan men weten of elk moreel oordeel waar of onwaar is? Inderdaad, wat is de basis van de moraal?

Het antwoord dat veel theïsten op dit punt geven is dat morele daden, daden zijn die God heeft bevolen. Het feit dat God een daad heeft geboden is voldoende om die te transformeren in een morele. Ik veronderstel dat deze theïsten willen beweren dat als God ons gebood piano te spelen, dat dan pianospelen ook voor ons een morele daad zou zijn geworden.

Zou het? Er zijn tal van geboden in de Bijbel die men moeilijk zou kunnen begrijpen als een morele daad. Wat is er moreel aan wanneer het gaat om het Bijbelse verbod op het mengen van linnen met wol of het eten van niet-koosjer voedsel? Bovendien, God gebood Abraham zijn zoon Isaac te offeren. Was dat een morele opdracht? God zelf zei bij een andere gelegenheid dat men geen mensen mag offeren aan afgoden. Wordt het offeren van mensen ineens een moreel goede daad omdat God het bevolen heeft?

Toen God Abraham vertelde dat Hij op weg was om de slechte mensen van Sodom en Gomorra te vernietigen, argumenteerde Abraham met God dat het niet juist zou zijn wanneer er goede mensen in deze steden zouden wonen. "God verhoede, dat de rechter van de hele wereld niet doet wat juist is!" (Genesis 18:25). God was het met Abraham eens dat de goede mensen samen met de slechte mensen te vernietigen, niet juist zou zijn, maar de waarheid is dat er geen goede mensen in die steden waren. Als, wat God beval van rechtswege goed is, dan zou Abraham in de eerste plaats nooit met God hebben geargumenteerd. Hij had moeten zeggen zoiets als, "God, ik heb altijd gedacht dat het immoreel was om de rechtvaardigen samen met de goddelozen te straffen, maar nu U uw engelen gebood om dit te doen, zie ik dat ik mij vergist heb en dat het inderdaad het moreel juiste ding is om te doen." Had Abraham dit gezegd, dan zou God ongetwijfeld Abraham een idioot hebben genoemd en niets meer met hem te maken willen hebben. Immers, hoe zou een idioot de vader zijn van ons geloof?

Het is waar dat God van ons gehoorzaamheid vraagt of wij Hem begrijpen of niet. Wat God opdraagt is een categorische opdracht, maar dat maakt het niet "moreel". Het categorisch zijn kan een noodzakelijke eigenschap van een opdracht van God zijn, maar het betekent niet dat een bevel van God een voldoende voorwaarde is voor het feit dat het moreel is. God heeft ons opgedragen geen kleding te dragen dat gemaakt is van wol en linnen, maar niemand kan beweren te begrijpen dat dit een morele verplichting is omdat God het beval. Rashi zegt dat de echte test van het geloof gehoorzaamheid aan God is of men het gebod begrijpt of niet. Als dat waar zou zijn, dat een gebod van God al een voldoende voorwaarde is voor ons begrip als moreel goed, dan zou het voor de chukkim (geboden van God die geen andere dwingende reden blijken te hebben dan het feit dat God hen gebood) onmogelijk zijn om te bestaan.

Wanneer God ons gebiedt niet te stelen, zal niemand hiertegen protesteren, met uitzondering van de dief, die misschien zou kunnen klagen dat God hem zijn levensonderhoud heeft weggenomen. Wanneer God ons echter gebiedt geen wollen en linnen kleding te dragen, kunnen we ons allemaal afvragen wat mogelijk de reden voor dit gebod kan zijn. Als we aan God gewijd zijn zullen we Hem hoe dan ook gehoorzamen, want wie kan God begrijpen?

De conclusie van dit alles is dat het onjuist is om te veronderstellen dat wanneer God iets gebiedt dat dit een voldoende voorwaarde is voor ons begrip als moreel goed. Met andere woorden, men kan niet pleiten voor de morele goedheid van alles door simpelweg een beroep te doen op het feit dat God het heeft bevolen. Waarop kan men dan een beroep doen? Wat is inderdaad, de grond van de moraliteit? Ik geloof dat de grond van de moraliteit berust op iets dat ik 'moreel besef" noem. In de rest van dit artikel zal ik proberen uit te leggen wat ik bedoel.

Naar Wat is een Moraliteit? deel 2.

Door Dr. Yitzchok Block

Bron: What is Morality

Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.

Aantekeningen

Home Malben

Begrippenlijst

printer

Emuna is het standvastig geloof in een enige, soevereine, alwetende, welwillende, geestelijke, bovennatuurlijke en almachtige Schepper van het universum, die wij God noemen. Emuna bestaat uit drie niveaus: Niveau één is het geloof in de Goddelijke Voorzienigheid; Niveau twee is het geloof dat Hashem alles doet wat het beste voor ons is; Niveau drie is het geloof dat Hashem alles doet met een specifiek doel. Deze thesen zijn nader uitgewerkt in het boek "The Garden of Emuna".

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.