Het verbod van de Sabbat en de Sabbat rust van Noachiten (niet-Joden)

sabbat Naar de mening van Maimonides is dit verbod te wijten aan het feit dat door de sabbatrust van een niet Jood er een nieuw soort religie zou worden ingevoerd. Vanuit het standpunt van Maimonides is het een Noachiet geoorloofd op de sabbat te rusten, wanneer dit gebeurt in de wetenschap dat de rust aan Israël is opgelegd, en dat hij het daarom niet vanwege een religieuze plicht doet.

Philo van Alexandrië vermeldt al dat de sabbat onder de heidenen veel aandacht trok en het verlangen wekte ook de sabbat te houden.

Rashi leidt het verbod terug op de bestemming van de mensen om de wereld door middel van hun werk te ontwikkelen en wanneer ze dit nalieten, onttrokken zij zich aan hun missie. Volgens Rasji werd de sabbat rust daarom aan de Noachiten verboden ook wanneer zij dit niet op religieuze gronden deden.

Ondanks alles mag de mens rusten wanneer hij rust nodig heeft en een rustdag in acht nemen - maar niet als een religieuze instelling.

Afgezien hiervan past het de mensen kennelijk een soort van Sabbat te ervaren en te beleven. Hij kan deze dag dan gebruiken om te studeren of door te brengen in de natuur en te denken aan de Schepper van de wereld. Dit alles kan hij doen nadat hij één of ander "werk" gedaan heeft, zoals het ontbijt klaarmaken - hij moet gewoon duidelijk maken dat hij zich niet van werk onthoudt - dat de religieuze wet van Israël voor de Sabbat verbiedt.

Erich Fromm drong diep door in de betekenis van de Sabbat. Voor hem symboliseerde de sabbat een perfecte, harmonieuze staat tussen mens en natuur en tussen mens en mens. Het werk verbod betekende het afstand doen van het ingrijpen in het natuurlijke en sociale verloop van de dingen. Zo kan de mens, ook al is het maar voor één dag, zich bevrijden van de ketenen van de natuur en van de tijd.

De volle betekenis van dit idee kan worden begrepen in samenhang met de Bijbelse weergave van de mens en de natuur. Voor de zondeval leefde de eerste mens in perfecte harmonie met de natuur. De eerste ongehoorzaamheid "opende hem de ogen", zodat hij onderscheid kon maken tussen goed en kwaad. Hij werd zichzelf en zijn medemens bewust, die net zo is als hij en waarvan hij zich toch onderscheidt door de eigen aard van de ander. Met hem is hij verbonden door de banden van liefde en toch blijft hij alleen. Hier begon de menselijke geschiedenis - onder de vloek van God vanwege de ongehoorzaamheid van de mens. En wat was de vloek? Er zal vijandschap en strijd zijn tussen mensen en dieren: "En Ik zal vijandschap zetten tussen u (de slang ) en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad en dit zal u de kop vermorzelen en u zult het de hiel vermorzelen" (Genesis 3:15). Vijandschap tussen mens en de aarde: "De aardbodem is omwille van u vervloekt; met zwoegen zult u daarvan eten, al de dagen van uw leven; dorens en distels zal hij voor u laten opkomen en u zult het gewas van het veld eten. In het zweet van uw gezicht zult u brood eten, totdat u tot de aardbodem terugkeert, omdat u daaruit genomen bent; want stof bent u en u zult tot stof terugkeren" (Genesis 3: 17-19). Vijandschap tussen man en vrouw: "Naar uw man zal uw begeerte uitgaan, maar hij zal over u heersen" (Genesis 3: 16b). Vijandschap tussen de vrouw en haar natuurlijke taken: "In smart zult gij kinderen baren" (Genesis 3: 16a). De oorspronkelijke harmonie veranderde, door deze eenzijdige schending van vertrouwen, in oppositie en strijd.

Maar wat is - in de ogen van de profeet - sinds die tijd het doel van de mens? Terugkeren (bekeren) en in harmonie leven met de naaste, met de levende wereld, met de aarde en met de levenloze natuur. De nieuwe harmonie verschilt van die in de Hof van Eden. De mens moet die winnen door het ontwikkelen van zijn eigen persoonlijkheid, door oprecht en goed te leven, de waarheid te beseffen en door gerechtigheid te oefenen. Hij zal de harmonie bereiken als hij de krachten van zijn verstand daarop richt en die zal hem bevrijden van de slavernij vanwege andere mensen en door de onderwerping aan irrationele verlangens. De opvattingen van de profeten laten steeds weer zien dat de aarde, zonder ophouden, vol zal zijn van haar vruchten, zwaarden worden ploegscharen, wolf en lam zullen samen in vrede leven, oorlog zal er niet meer zijn, zonder pijn zullen vrouwen kinderen krijgen, die hele mensheid zal zich verenigen in waarheid en liefde.

Deze hernieuwde harmonie is de volmaaktheid die het doel van de menselijke geschiedenis vertegenwoordigt en haar symbool vindt in de figuur van de Messias.

Vanuit deze basis kunnen we pas de volledige betekenis van de Sabbat en zijn regels begrijpen. Eerst zo wordt het begrijpelijk waarom iemand die de sabbat houdt het verbod in acht neemt, niets van welke plant dan ook af te rukken of slechts een zakdoek van de ene plaats naar de andere te brengen. Zelfs wanneer dit, vanuit de zwaarte van de arbeid gezien, nauwelijks iets voorstelt.

De Noachiten zijn niet verplicht de Sabbat zo te houden als de Israëlieten, maar het is desalniettemin volkomen geoorloofd en passend om het idee van de Sabbat te houden zoals we hierboven hebben aangegeven.

De Sabbat is een voorbode van het Messiaanse tijdperk, de tijd van de Messias wordt als een "Dag" aangeduid, die geheel en al Sabbat is.

De Sabbat is een eigenaardigheid van het volk van Israël. Zoals we zien, begonnen de christenen met de Sabbat en gingen daarna over op de zondag. Ook begonnen de moslims met de Sabbat maar gingen over op de vrijdag - alleen Israël houdt de Sabbat. Daarom formuleerden onze wijzen al 2300 jaar geleden in het ochtendgebed op de Sabbat, "en de wereld volkeren gaf U hem (de sabbat) niet, U onze God, en U gaf hem (de sabbat) niet aan de afgodendienaars, U onze Koning, maar aan uw volk Israël gaf U hem, uit liefde."

Toch kan iedereen zich aansluiten, ja er bestaat zelfs de opvatting dat iedere Noachiet, die als bevriend vreemdeling (Hebreeuws: ger toschav - de Noachiet, die de zeven geboden houdt, wordt beschouwd als een ger toschav, hij die overgaat tot het Jodendom wordt beschouwd als een ger Zedek en wordt volledig als Jood erkend) wordt beschouwd, in zoverre verplicht is de sabbatsrust in acht te nemen, dat hij geen onnodig veldwerk doet (Rasji). Er zijn ook interpretaties die de Noachiten verbieden enig werk op de sabbat te doen, behalve te koken of het licht aan te doen.

De Sabbat speelt een centrale rol in het geloof dat God de wereld heeft geschapen en Hij op de zevende dag rustte. Tot dit geloof hoort ook het houden van de Sabbat. En zoals een Noachiet aan God gelooft, zo moet hij ook de Sabbat houden, die een fundament van het geloof vormt.

In de uitlegging door Rabbijn Samson Raphael Hirsch is de sabbatsrust getuige van het werk van de Schepper:

"Zo zijn de hemel en de aarde voltooid en al hun heir" (Genesis 2:1). Zij zijn voltooid. Ze zijn niet alleen ontstaan in de tijd - zowel het kleinste als het grootste, zowel een deel als het geheel is de uitdrukking, de realisatie van een gedachte van Hem die niet eerder rustte totdat Hij zijn gedachten had uitgevoerd, totdat Hij zijn gedachten had voltooid. De voltooiing van Zijn denken staat voor je, en Hij, de Denker, van deze wereld zo vol van contrasten en harmonie, zo vol van onenigheid en vol van vrede, zo vol haat en zo vol liefde, Hij, die deze wereld vol strijd en toch zo verenigd, gedacht en voltooid heeft, Hij geeft je de Sabbat." (Samson Raphael Hirsch , Collected Writings , Volume 1 , Frankfurt 1902 , blz. 175).

Bron: Der Sabbat für Jedermann. Geschreven door Joel Schwarz en vertaald uit het Duits door de webmaster.

Malben - Studiecentrum voor Noachieten uit de vier windhoeken.

Aantekeningen

Home Malben

Begrippenlijst

printer

Hashem betekent letterlijk: "de Naam" is een vervangende term voor de Almachtige zodat wij niet riskeren Gods naam ijdel te gebruiken.

Tora is letterlijk "instructie"; Er zijn twee betekenissen. De vijf boeken van Mozes zijnde Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium en meer in het algemeen verwijst het naar de Joodse leer en wat wij ten onrechte het Oude Testament noemen.